1. Het Welvaarsfonds 1947 - 1953
Nadat het werkplan voor het Welvaartsfonds was vastgesteld moest de basis worden gelegd voor een alomvattend financierings- en ontwikkelingsplan voor Suriname. Hiertoe werd een Coordinatiecollege Nederland Suriname ingesteld. Bij de oprichting van het Planbureau op 30 juli 1951, nam dit Bureau de taak over van dit hoge college, dat hiermede zijn bestaan eindigde.
2. Het Tienjarenplan (TJP) 1955 - 1965
3. Nationaal Ontwikkelingsplan 1966 - 1976
Dankzij de adviezen van de in 1961 tot adviseur benoemde wereldvermaarde Prof.Dr. J. Tinbergen en de bijdragen van de departementen kon het Planbureau in mei 1965 het Nationaal Ontwikkelingsplan Suriname uitgeven. Uit dit Nationaal Ontwikkelingsplan zijn het Eerste en het Tweede Vijfjarenplan voortgekomen.
4. Een Meerjarenplan voor Onafhankelijk Suriname (1975-1990)
Hiertoe dienden:
5. Meerjaren Ontwikkelingsplan 1989 - 1993
Meerjaren Ontwikkelingsplan1989-1993 werd opgesteld door de Stichting Planbureau Suriname onder directie van Drs. I. Kortram en na goedkeuring door de Staatsraad, door de Regering Shankar/Arron aan DNA aangeboden.
6. Meerjaren Ontwikkelingsplan 1994-1998
’Suriname op een keerpunt’, opgesteld door de Stichting Planbureau Suriname (directie Drs. I. Kortram) werd in September 1993 na verwerking van geleverde commentaren van de Regering Venetiaan en de Staatsraad, aan DNA aangeboden.
7. Meerjaren Ontwikkelingsplan 1999 - 2003
’Een nationaal reconstrictieprogramma’. Opgesteld door de Stichting Planbureau Suriname (directie. Drs. L. Monsels-Thompson) werd in September 1999 na verwerking van geleverde commentaren van de Regering Wijdenbosch en de Staatsraad aan DNA aangeboden.
8. Meerjaren Ontwikkelingsplan 2001 t/m 2005
MOP 2001 t/m 2005 staat model voor de opstelling van een modern MOP (directie
Drs. L. Monsels-Thompson). Doordat een vroegtijdig eind kwam aan de Regering Wijdenbosch, trad reeds in 2000 een nieuwe regering aan en diende een nieuw MOP opgesteld te worden.
In december 2000 werd door het Planbureau aan de
Minister van Planning en Ontwikkelingssamenwerking de Terms of Reference ter goedkeuring aangeboden die gehanteerd zouden worden bij het schrijven van MOP 2001 t/m 2005. Hierin waren opgenomen benodigde middelen, inspraakgroepen, hoofdstukindeling en tijdschema.
Het Meerjaren Ontwikkelingsplan 2001 t/m 2005 heeft de basis gelegd voor de identificatie van beleidsgebieden die zowel voor het daaropvolgende MOP als de begrotingen en Jaarplannen als uniforme termen voor monitoring van het sociaal-economisch beleid worden gebezigd. Deze beleidsgebieden zijn breed gekozen zodat aanpassing niet noodzakelijk is en vergelijking in tijd en ruimte juist faciliteert.
Beleidsgebieden en subbeleidsgebieden die tot op heden in de Jaarplannen de basis voor het beschrijven van ontwikkelingsbeleid vormen, zijn toen geconcipieerd. Dit MOP heeft als enige in de geschiedenis van de opstelling van ontwikkelingsplannen het proces van inspraak van het maatschappelijk middenveld doorlopen door hearings te houden. Hierbij werden ’position papers’ voor alle beleidsgebieden door het Planbureau opgesteld en in veertien open bijeenkomsten aan commentaar van het publiek bloot gesteld waarna deze werden bijgesteld. De ’position papers’ bevatten analyses van het ontwikkelingsprobleem per beleidsgebied waarbij definities, programma’s en projecten, en fasering in drie perioden over 5 jaren van de uitvoering verdeeld, werden gepresenteerd. Hierna werd het concept MOP bijgesteld en ter goedkeuring aan de regering aangeboden waarna ook commentaren en correcties werden verwerkt voor aanbieding aan de Staatsraad en DNA. Aangezien dit MOP de publieke toets al had doorlopen was dit laatste traject ook vlot afgewerkt.
9. Meerjaren Ontwikkelingsplan 2006 - 2011
MOP 2006 t/m 2010 in concept, werd op 16 maart 2006 door de Directeur van het Planbureau,
Drs. Lilian Monsels-Thompson, persoonlijk in hard copy overhandigd aan de nieuwe Minister van Planning en Ontwikkelingssamenwerking. Afspraken in december 2005 met bijbehorende Terms of Reference en presentaties van de eerste hoofdstukken ten spijt, kreeg ze te horen dat een groep van ”andere deskundigen” ook bezig was met een MOP.
Nadat na enkele weken de finale PLOS-versie niet kon worden aangeboden aan DNA, werd het Planbureau gesommeerd het concept MOP digitaal aan de Minister en zijn groep beschikbaar te stellen. Na politieke bewerkingen door deze personen van buiten de Overheid, klopte de detailbegroting niet meer. Na vergeefse pogingen het Planbureau weer on board te krijgen werd het finale concept als MOP 2005-2011, ontdaan van de detailbegroting van alle beleidsgebieden en verrijkt met foto’s op glad papier en gekleurde omslag, 4 maanden later aan DNA aangeboden.